INTEGRATIEF TRAJECT: vrouwengezondheid volgens Lieselot Theys

Niet méér weten, wel beter kunnen onderscheiden.
Een tweejarig verdiepend opleidingstraject voor artsen, orthomoleculair therapeuten, voedingsdeskundigen, kPNI-therapeuten en psychologen die vrouwengezondheid niet als een verzameling afzonderlijke klachten willen benaderen, maar klinisch willen leren begrijpen vanuit de samenhang tussen cyclus, endocrinologie, metabolisme, gynaecologie, zenuwstelsel en leefstijl.
Over het integratief traject
Waarom dit traject?
Vrouwen komen meestal niet op consultatie met één afgelijnde klacht. Denk aan een verstoorde cyclus die samengaat met vermoeidheid en darmklachten, een patiënte met endometriose die ondanks behandeling aanhoudende pijn en vermoeidheid aangeeft, of bloedwaarden die binnen de referentiewaarden vallen, terwijl het klachten- en cycluspatroon van de vrouw voor je toch aanleiding geeft om verder te kijken. Bij fertiliteitsproblemen, PMS, cyclusgebonden pijnklachten, gewichtstoename, pijn tijdens het vrijen, gevoeligheid aan contraceptiva, slaapproblemen of klachten in de perimenopauze komt vaak dezelfde vraag terug: wat speelt hier nu werkelijk, welke factoren beïnvloeden elkaar en waar begin je?
Om die vragen te beantwoorden, heb je meer kennis nodig dan die van afzonderlijke hormonen, de typische differentiaaldiagnostiek of bestaande behandelprotocollen. Het vraagt inzicht in de samenhang tussen cyclus, endocrinologie, metabolisme, gynaecologie, zenuwstelsel en leefstijl van de vrouw voor je, én het vermogen om normale fysiologie, functionele ontregeling en pathologie van elkaar te onderscheiden.
Het Integratief Traject Vrouwengezondheid volgens Lieselot Theys richt zich heel specifiek tot artsen, orthomoleculair therapeuten, voedingsdeskundigen en kPNI-therapeuten die zich verder willen verdiepen in vrouwengezondheid en die kennis ook praktisch willen leren verbinden. We vertrekken kort vanuit normale anatomie en fysiologie en bouwen van daaruit verder naar hormonale en metabole ontregelingen, gynaecologische en endocriene pathologie en complexe casuïstiek. Je leert om je anamnese op een volledig andere manier te schikken, menstruatiedagboeken en cyclustijdslijnen naast bloedonderzoek te plaatsen en andere relevante onderzoeken mee te nemen in het verhaal. Het doel is om, zonder extra tijd te moeten voorzien in je consult, sneller patronen te herkennen, differentiaal-diagnostisch te denken en gerichter te bepalen welke volgende stap nodig is.
Wat onderzoek je verder? Wat behandel of begeleid je eerst? Welke reguliere mogelijkheden bestaan er? Waar kunnen voeding, leefstijl en aanvullende interventies een rol spelen? Hoe integreer je de wensen en voorkeuren van de vrouw wanneer deze niet volledig aansluiten bij het voorgestelde behandelplan? Wanneer verwijs je door? En hoe maak je van al die informatie één haalbaar behandelplan voor de vrouw voor je?
De opbouw
De opleiding omvat 120 lesuren en combineert online theoretische verdieping met intensieve tweedaagse contactdagen. Theorie en wetenschappelijke inzichten worden voortdurend vertaald naar onderzoek, behandeling en begeleiding. Tijdens de live momenten brengen we alles samen in casuïstiek: van een eerste cyclustijdslijn tot complexe patiënten waarbij verschillende klachten, diagnoses en systemen tegelijkertijd een rol spelen. Doorheen het traject volgen we de vrouw over de verschillende levensfasen heen, van puberteit en fertiliteit tot peri- en menopauze, en verdiepen we ons onder andere in hormonale ontregelingen, PMOS, amenorroe, endometriose, adenomyose, anticonceptie, fertiliteit en infertiliteit, zwangerschap, PMS en PMDD, vulvodynie, chronische bekkenpijn en urogenitale en seksuele gezondheid.
De opleiding omvat in totaal 120 lesuren, verspreid over een intensieve kick-off, online dinsdagavonden en drie tweedaagse live opleidingsblokken. Alle lessen worden opgenomen en blijven gedurende het volledige tweejarige traject beschikbaar om opnieuw te bekijken.
Praktische opbouw en lesdata
September 2027 — juni 2029
Kick-off · Live
Fundamenten van de vrouwengezondheid
Een intensieve live opleidingsdag waarin we het klinische fundament leggen waarop de rest van het traject wordt opgebouwd.
23 september 2027
volledige dag · start om 09.00 uur
- 01
Cyclus & (neuro-)endocrinologie
7 online dinsdagavonden | 19.00–22.00 uur
- 5 oktober 2027
- 9 november 2027
- 7 december 2027
- 11 januari 2028
- 1 februari 2028
- 7 maart 2028
- 21 maart 2028
Live opleidingsblok 1
27 en 28 april 2028
volledige dagen · start om 09.00 uur
- 02
Gynaecologie, endometriose & fertiliteit
8 online dinsdagavonden | 19.00–22.00 uur
- 23 mei 2028
- 20 juni 2028
- 4 juli 2028
- 19 september 2028
- 10 oktober 2028
- 7 november 2028
- 5 december 2028
- 9 januari 2029
Live opleidingsblok 2
1 en 2 februari 2029
volledige dagen · start om 09.00 uur
- 03
Brein, pijn & complexe vrouwengezondheid
6 online dinsdagavonden | 19.00–22.00 uur
- 20 februari 2029
- 6 maart 2029
- 27 maart 2029
- 17 april 2029
- 8 mei 2029
- 29 mei 2029
Live opleidingsblok 3
21 en 22 juni 2029
volledige dagen · start om 09.00 uur
Wat zit erin?
00KICK-OFF: Fundamenten van de vrouwengezondheid
- Beknopte opfrissing van de anatomie van het kleine bekken en de fysiologie van het vrouwelijke voortplantingssysteem
- Verdieping in defysiologie van de menstruatiecyclus en de hormonale regulatie van de hypothalamus-hypofyse-ovarium-as (HPO-as)
- De menstruatiecyclus als klinische parameter: fysiologische variatie en afwijkende cycluspatronen herkennen
- Werken met een menstruatie- en symptoomdagboek: welke parameters zijn klinisch relevant en hoe laat je deze systematisch registreren?
- Afname van een gestructureerde vrouwgerichte anamnese, met aandacht voor cyclus, hormonale voorgeschiedenis, reproductieve gezondheid, levensfase en relevante systeemklachten
- Opstellen van een chronologische cyclus- en hormonale tijdslijn: klachten, levensfasen, hormonale interventies, zwangerschappen en relevante medische gebeurtenissen in kaart brengen
- Anamnese, cycluskarakteristieken, symptoompatronen en tijdslijn geïntegreerd interpreteren en vertalen naar klinische hypothesen
- Klinisch leren differentiëren tussen fysiologische variatie, mogelijke functionele ontregeling en onderliggende pathologie, met aandacht voor red flags en indicaties voor verdere diagnostiek of verwijzing
- Hoe vertaal je dit naar een haalbare en gestructureerde consultvoering?
01FASE 1: CYCLUS & (NEURO-)ENDOCRINOLOGIE
- Online 1: Van menstruatiedagboek naar bloedonderzoek
• Interpretatie van menstruatie- en symptoomdagboeken
• Laboratoriumonderzoek van geslachtshormonen en relevante cofactoren
• Cyclusafhankelijke timing van hormonale bepalingen
• Laboratoriumwaarden correleren met symptomen, cycluskenmerken en dagboekgegevens
• Functionele interpretatie van laboratoriumresultaten binnen de individuele context
• Van laboratoriumwaarde naar werkingsmechanisme: welke bevindingen zijn klinisch relevant en welke niet? - Online 2: Functionele hormonale patronen
• Relatieve en absolute hormonale verhoudingen
• Oestrogeenmetabolisme en concepten rond relatieve oestrogeenoverheersing
• Progesterontekort, verminderde progesteronrespons, progesteronresistentie en luteale faseproblematiek
• Androgenen en testosteron binnen de vrouwelijke endocrinologie
• Ovulatie, corpus-luteumfunctie en luteale fase
• Invloed van voeding, energiebeschikbaarheid, stress en metabole gezondheid op hormonale regulatie
• Mogelijke functionele hormonale patronen herkennen en klinisch contextualiseren - Online 3: Schildklier, bijnieren, pancreas & cyclus
• Interacties tussen schildklierfunctie en vrouwelijke hormonale regulatie
• Stressfysiologie, allostatische belasting en regulatie van de HPA-as
• Glucoseregulatie, insulinesignalering en metabole flexibiliteit
• Insulineresistentie en de invloed op reproductieve endocrinologie
• Wederzijdse beïnvloeding tussen HPO-as, HPA-as, schildklier en metabole regulatie
• Invloed van energiebeschikbaarheid, slaap, beweging en voeding op deze regulatiesystemen
• Van onderliggend werkingsmechanisme naar gerichte leefstijl- en voedingsinterventie - Online 4: Puberteit & adolescentie
• Normale endocriene ontwikkeling tijdens puberteit en adolescentie
• Fysiologie van menarche en maturatie van de HPO-as
• Fysiologische variatie versus indicaties voor verdere diagnostiek
• Menstruatie- en cyclusstoornissen bij adolescenten
• Invloed van voeding, beweging, slaap en stress op de ontwikkelende cyclus
• Leeftijdsadequate begeleiding en klinische aandachtspunten bij jonge vrouwen: van functioneel tot regulier behandelen – wat kan binnen jouw discipline? - Online 5: Perimenopauze & menopauze: begrijpen
• Endocriene veranderingen tijdens de menopauzale transitie
• Klinische herkenning van perimenopauze
• Symptoomprofielen en variatie in klinische presentatie
• Diagnostische benadering i.s.m. de arts/specialist en relevante differentiaaldiagnostiek
• Metabole, cardiovasculaire, musculoskeletale en neurocognitieve veranderingen rond de menopauze
• De transitie van reproductieve naar postmenopauzale gezondheid - Online 6: Perimenopauze & menopauze: behandelen en begeleiden
• Evidence-based reguliere behandelopties
• Menopauzale hormoontherapie: indicaties, principes, contra-indicaties en aandachtspunten – wat zegt de wetenschap?
• Niet-hormonale therapeutische opties
• Voeding, beweging, slaap, stressregulatie en metabole gezondheid
• Micronutriënten en aanvullende interventies: indicaties, evidentie en beperkingen
• Individuele risico-batenanalyse en gedeelde besluitvorming
• Een geïntegreerde behandelstrategie opbouwen vanuit klachten, risicoprofiel en individuele doelstellingen - Online 7: Amenorroe & ovariële insufficiëntie
• Functionele hypothalame amenorroe
• Relative Energy Deficiency in Sport (RED-S)
• Primaire ovariële insufficiëntie (POI/POF)
• Andere endocriene, gynaecologische en systemische oorzaken van amenorroe
• Energiebeschikbaarheid, metabole signalering, stressfysiologie en reproductieve suppressie
• Differentiaaldiagnostische benadering en aangewezen aanvullend onderzoek
• Voedings-, leefstijl- en therapeutische interventies binnen een multidisciplinaire benadering
• Begeleiding en indicaties voor medische verwijzing
LIVE 1: Van hormonale ontregeling naar klinisch redeneren
- PMOS/PCOS: pathofysiologie, fenotypes en klinische presentaties
- Insulineresistentie, hyperandrogenisme, inflammatoire processen en metabole factoren binnen PMOS
- Diagnostische criteria, aanvullend onderzoek en differentiaaldiagnostiek bij PMOS
- Evidence-based reguliere behandelstrategieën bij PMOS
- Voeding, beweging, slaap, stressregulatie, micronutriënten en aanvullende interventies bij PMOS
- Integratieve casuïstiek rond cyclus- en hormonale problematiek
- Diagnostische en therapeutische prioriteiten bepalen
- Indicaties voor aanvullende diagnostiek, multidisciplinaire samenwerking en verwijzing herkennen
02FASE 2: GYNAECOLOGIE, ENDOMETRIOSE & FERTILITEIT
- Online 1: Terugkommoment & menstruatiestoornissen
• Bespreking van vragen en casuïstiek uit fase 1
• Abnormaal uterien bloedverlies
• Hevig menstrueel bloedverlies en relevante differentiaaldiagnostiek
• Intermenstrueel bloedverlies, spotting en onregelmatige bloedingspatronen - Online 2: Endometriose I: begrijpen & herkennen
• Definitie, classificatie en klinische kenmerken van endometriose
• Pathofysiologische mechanismen en verschillende fenotypes
• Hormonale, inflammatoire, immunologische en neurogene mechanismen binnen endometriose
• Symptoomprofielen en variatie in klinische presentatie
• Klinische herkenning en patroonherkenning bij vermoeden van endometriose
• Differentiaaldiagnostiek bij cyclische en chronische bekkenpijn
• Comorbiditeiten en systeeminteracties binnen het bredere klachtenbeeld
• Factoren die bijdragen aan diagnostische vertraging en onderdiagnostiek - Online 3: Endometriose II: onderzoek & reguliere behandeling
• Diagnostisch traject bij verdenking op endometriose
• Klinisch onderzoek, echografie, MRI en andere relevante diagnostiek
• Hormonale suppressie en andere farmacologische behandelopties
• Analgetische strategieën en pijnbehandeling
• Chirurgische behandeling en indicatiestelling
• Indicaties, beperkingen, risico’s en baten van de verschillende therapeutische opties
• Behandelkeuzes begrijpen binnen de context van klachten, fertiliteitswens en individuele doelstellingen
• De kracht en grenzen van complementaire en/of alternatieve zorg naast reguliere diagnostiek en behandeling – wat kan een complementair zorgverlener doen? - Online 4: Endometriose III & adenomyose
• Definitie, pathofysiologie en klinische presentatie van adenomyose
• Overeenkomsten en verschillen tussen adenomyose en endometriose
• Inflammatoire, neuro-endocriene en metabole factoren binnen het bredere klachtenbeeld
• Leefstijlinterventies bij endometriose en adenomyose
• Voeding, micronutriënten en aanvullende therapeutische mogelijkheden: evidentie, indicaties en beperkingen
• Darmgezondheid en gastro-intestinale comorbiditeit binnen de klinische context
• Slaap, beweging, stressfysiologie en pijnmodulatie
• Multidisciplinaire behandelstrategieën
• Diagnostische en therapeutische prioriteiten bepalen binnen complexe klachtenpatronen - Online 5: Anticonceptie
• Overzicht van beschikbare anticonceptiemethoden
• Hormonale en niet-hormonale anticonceptie
• Werkingsmechanismen, voordelen, nadelen en beperkingen
• Indicaties, contra-indicaties en klinische aandachtspunten
• Effecten op HPO-as, ovulatie, endometrium en cycluskarakteristieken
• Mogelijke invloed op klachtenpatronen, metabolisme en individuele gezondheid
• Anticonceptie als therapeutische interventie bij onder andere dysmenorroe, endometriose en hevig menstrueel bloedverlies
• Stoppen met hormonale anticonceptie en hervatten van de endogene cyclus
• Cyclus- en symptoompatronen na het stoppen van hormonale anticonceptie interpreteren
• Voedings-, leefstijl- en micronutriëntenstatus binnen de bredere begeleiding kritisch beoordelen - Online 6: Preconceptie & fertiliteit ondersteunen
• Fysiologie van vrouwelijke en mannelijke fertiliteit
• De menstruatiecyclus als klinische basis voor fertiliteitsbeoordeling
• Ovulatie, luteale fase en het fertiele venster
• Herstel van fertiliteit na hormonale anticonceptie
• Preconceptionele gezondheid en beïnvloedbare risicofactoren
• Voeding en micronutriënten binnen de preconceptiezorg – Slaap, stress, beweging en andere leefstijlfactoren
• Omgevingsfactoren en reproductieve gezondheid: wat weten we wel en wat niet?
• Ondersteuning en begeleiding binnen de bevoegdheden van de eigen discipline - Online 7: Infertiliteit
• Definitie en klinische criteria voor infertiliteit
• Vrouwelijke, mannelijke en gecombineerde fertiliteitsfactoren
• Regulier diagnostisch fertiliteitstraject
• Ovariële reserve, ovulatoire factoren, tubaire factoren, uteriene factoren en spermakwaliteit
• Medisch geassisteerde voortplanting en therapeutische opties
• IUI, IVF, ICSI en andere fertiliteitsbehandelingen
• Beïnvloedbare metabole en leefstijlfactoren binnen fertiliteit
• Voeding en relevante micronutriënten binnen preconceptie en fertiliteitsbehandeling
• Onderscheid tussen biologisch plausibele interventies en interventies waarvoor klinische evidentie bestaat
• Traumasensitieve ondersteuning van vrouwen en koppels tijdens diagnostiek en fertiliteitsbehandeling - Online 8: Gynaecologische differentiaaldiagnostiek
• Uterusmyomen
• Endometriumpoliepen
• Ovariële cysten en andere adnexale afwijkingen
• Genitale infecties en pelvic inflammatory disease (PID)
• Cervicale pathologie en relevante alarmsymptomen
• Bekkenbodemdysfunctie en verzakkingsproblematiek
• Red flags en alarmsymptomen binnen de gynaecologie
• Weten wanneer een integratieve verklaring plausibel is en wanneer eerst onderliggende pathologie moet worden uitgesloten
• Indicaties voor eigen begeleiding, aanvullende diagnostiek en medische verwijzing
LIVE 2: Gynaecologische casuïstiek, fertiliteit & zwangerschap
- Integratieve casuïstiek rond endometriose en adenomyose
- Casuïstiek rond anticonceptie en hormonale suppressie
- Casuïstiek rond fertiliteit en infertiliteit
- Reguliere diagnostische trajecten begrijpen en klinisch contextualiseren
- Relevante onderzoeken herkennen en resultaten interpreteren binnen de bevoegdheden van de eigen discipline
- Van pathofysiologie en mogelijke werkingsmechanismen naar therapeutische hypotheses
- Reguliere behandeling, voeding, leefstijl en aanvullende interventies naast elkaar leren positioneren
- Red flags, contra-indicaties en grenzen van de eigen discipline tijdens de zwangerschap
03FASE 3: BREIN, PIJN & COMPLEXE VROUWENGEZONDHEID
- Online 1: Hormonen, brein & neurotransmitters
• Effecten van geslachtshormonen op het centrale zenuwstelsel
• Neurotransmitters en neuro-endocriene interacties
• Cyclusgebonden variaties in stemming, cognitie, slaap en gedrag
• Stressfysiologie, allostatische belasting en neuro-endocriene regulatie
• Invloed van slaap, beweging, voeding, energiebeschikbaarheid en metabole gezondheid op hersenfunctie en hormonale regulatie
• Relevante nutritionele en micronutriëntenfactoren binnen neurotransmitter- en hormoonmetabolisme
• Van fysiologisch mechanisme naar klinische relevantie: correlatie, causaliteit en beperkingen van neuro-endocriene verklaringsmodellen - Online 2: PMS, PME & PMDD
• Diagnostische kenmerken en differentiatie van PMS, Premenstrual Exacerbation (PME) en Premenstrual Dysphoric Disorder (PMDD)
• Prospectieve symptoomregistratie en menstruatiedagboeken binnen diagnostiek en opvolging
• Neuro-endocriene gevoeligheid voor cyclische hormonale fluctuaties
• Evidence-based reguliere behandelopties
• Voeding, beweging, slaap, stressregulatie en andere leefstijlinterventies
• Micronutriënten en aanvullende interventies: mogelijke werkingsmechanismen, evidentie en beperkingen
• Een geïntegreerde behandelstrategie opbouwen vanuit ernst, klachtenpatroon en individuele context
• Indicaties voor multidisciplinaire samenwerking en verwijzing - Online 3: Vulvodynie & chronische bekkenpijn I
• Definitie en classificatie van vulvodynie
• Verschillende vormen en klinische presentaties van vulvaire pijn
• Chronische bekkenpijn als multidimensioneel pijnsyndroom
• Nociceptieve, neuropathische en nociplastische pijnmechanismen
• Perifere en centrale sensitisatie
• Neurogene en inflammatoire mechanismen binnen chronische pijn
• Interacties tussen pijn, autonoom zenuwstelsel, stressrespons en bekkenbodem
• Differentiaaldiagnostiek bij vulvaire en chronische bekkenpijn
• Reguliere diagnostische en therapeutische benadering - Online 4: Vulvodynie & chronische bekkenpijn II
• Multidisciplinaire behandelstrategieën
• Voeding, slaap, beweging, stressregulatie en aanvullende therapeutische interventies
• De mogelijke rol van nutritionele factoren en micronutriënten binnen chronische pijn: evidentie en beperkingen
• Seksuele gezondheid binnen de context van vrouwengezondheid
• Libido: endocriene, neurologische, psychologische en contextuele invloeden
• Seksuele gezondheid professioneel en klinisch bespreekbaar maken
• Scope of practice, interdisciplinaire samenwerking en gerichte verwijzing - Online 5: Urogenitale vrouwengezondheid
• Lagere-urinewegklachten en overactieve blaas
• Recidiverende urineweginfecties
• Blaaspijnsyndroom/interstitiële cystitis
• Genitourinair syndroom van de menopauze
• Invloed van hormonale veranderingen op vulvovaginale en urogenitale weefsels
• Het vaginale en urogenitale microbioom: huidige inzichten en klinische relevantie
• Voeding, leefstijl en aanvullende interventies binnen urogenitale klachten: evidentie en beperkingen
• Differentiaaldiagnostiek tussen infectieuze, inflammatoire, hormonale, dermatologische, musculaire en pijngebonden problematiek - Online 6: Comorbiditeiten & systeemdenken
• Vermoeidheid en relevante differentiaaldiagnostiek
• Prikkelbaredarmsyndroom en andere gastro-intestinale comorbiditeiten
• Darm-hormooninteracties en de mogelijke klinische relevantie van het microbioom
• Migraine, hoofdpijn en hormonale interacties
• Slaapstoornissen en slaap als modulerende factor
• Borstgezondheid en veelvoorkomende benigne borstklachten
• Interacties tussen endocriene, metabole, immunologische, neurologische, gastro-intestinale en psychosociale factoren klinisch interpreteren
LIVE 3: De complexe vrouw: integratie & behandelstrategie
- Complexe integratieve casuïstiek over de volledige opleiding
- Differentiaaldiagnostisch en hypothesegestuurd redeneren
- Een geïndividualiseerd behandel- en begeleidingsplan opstellen
- Reguliere behandeling, voeding, beweging, slaap, stressregulatie en aanvullende interventies geïntegreerd positioneren
- Micronutriënten en suppletie rationeel en evidence-informed beoordelen binnen een breder behandelplan
- Voorkomen dat verschillende interventies gelijktijdig worden ingezet zonder duidelijke hypothese of evaluatiemogelijkheid
- Veilig en professioneel exploreren van pijn, seksualiteit, fertiliteit en mogelijk traumatische ervaringen
- Shared decision-making en patiëntvoorkeuren integreren in behandelprioriteiten
De rode draad doorheen het volledige traject
Ongeacht het onderwerp maken we doorheen iedere fase steeds opnieuw dezelfde klinische vertaalslag:
- Herkennen:Wat behoort tot fysiologische variatie, wat kan wijzen op functionele ontregeling en wanneer moet onderliggende pathologie worden overwogen?
- Onderzoeken:Welke informatie heb je werkelijk nodig? Welke rol hebben anamnese, dagboeken, bloedonderzoek, beeldvorming of aanvullende diagnostiek en wanneer is verwijzing aangewezen?
- Interpreteren: Hoe breng je klachten, levensfase, cyclus, voorgeschiedenis, laboratoriumwaarden en andere bevindingen samen zonder overhaaste causale verbanden te leggen?
- Prioriteren:Waar begin je wanneer verschillende klachten, diagnoses en regulatiesystemen tegelijkertijd betrokken zijn?
- Behandelen en begeleiden: Hoe vertaal je reguliere behandelopties, voeding, beweging, slaap, stressregulatie en aanvullende interventies evidence-informed naar de individuele vrouw en binnen de grenzen van je eigen discipline?
- Samenwerken: Waar stopt jouw expertise, welke discipline heeft aanvullende waarde en hoe bouw je rond een complexe patiënte een zinvol multidisciplinair traject?
- Evalueren: Hoe bepaal je vooraf wat je wilt bereiken, hoe volg je het effect van een gekozen strategie op en wanneer stuur je bij?
Aan het einde van het traject is het doel daarom niet dat je voor iedere klacht nóg meer mogelijke interventies kent. Het doel is dat je bij een complexe vrouw sneller kunt bepalen wat waarschijnlijk relevant is, wat eerst moet worden uitgesloten, waar je begint en welke volgende stap klinisch het meest zinvol is.
Niet méér weten, wel beter kunnen onderscheiden.
Wie zich verdiept in vrouwengezondheid, merkt al snel dat meer kennis een casus niet noodzakelijk eenvoudiger maakt. Vermoeidheid kan samengaan met cyclusgebonden klachten, maar vraagt evengoed aandacht voor onder andere schildklierfunctie, ijzerstatus, slaap, metabole factoren of onderliggende pathologie. Bekkenpijn is niet automatisch endometriose. Een afwijkende cyclus betekent niet automatisch dat er een hormonale oorzaak is. En laboratoriumwaarden binnen de referentiegrenzen sluiten niet per definitie iedere relevante klinische vraag uit. De uitdaging is dan ook niet om zoveel mogelijk verklaringen te vinden, maar om klinisch te kunnen onderscheiden welke hypothesen waarschijnlijk, relevant en onderzoekwaardig zijn.
Welke differentiaaldiagnoses moeten worden meegenomen? Welke bevindingen hebben klinische betekenis en welke waarschijnlijk niet? Is aanvullend onderzoek geïndiceerd? Wat moet eerst worden uitgesloten? Welke behandeling heeft de beste onderbouwing? Waar kunnen leefstijl en aanvullende interventies zinvol ondersteunen? En wanneer is verwijzing of multidisciplinaire samenwerking aangewezen?
Net daarom dit traject. We willen als zorgverlener vaak niet werken vanuit één protocol voor PMS, PMOS, endometriose, infertiliteit of menopauze. We willen leren redeneren vanuit fysiologie, pathofysiologie, klinische presentatie en de individuele context van de vrouw. Je leert daarom net die cyclusinformatie naast symptomen en onderzoeksresultaten leggen, bloedonderzoek interpreteren binnen de klinische context, reguliere diagnostiek en behandelopties begrijpen en deze ook kritisch afwegen. Ook leer je mogelijke verbanden tussen verschillende systemen herkennen zonder causaliteit te veronderstellen waar die niet aangetoond is. En bij complexe casuïstiek leer je bepalen: wat zijn mijn werkhypothesen, wat moet ik uitsluiten, welke informatie ontbreekt nog, wat heeft therapeutisch prioriteit en waar ligt de grens van mijn eigen discipline?
Die manier van werken versterkt niet alleen de kwaliteit van je eigen consultaties, maar ook de samenwerking tussen disciplines. Een gemeenschappelijk begrip van fysiologie, pathologie, diagnostiek en behandelmogelijkheden maakt het eenvoudiger om gericht te verwijzen, bevindingen correct te communiceren en complementaire expertise in te zetten waar die daadwerkelijk meerwaarde kan bieden. Na 120 uur is het doel daarom niet dat je (alleen maar) beschikt over een langere lijst onderzoeken, supplementen of interventies. Het doel is dat je klinisch scherper kunt redeneren. Dat je beter onderscheid maakt tussen mogelijke en waarschijnlijke verklaringen. Dat je weet wanneer verder onderzoek aangewezen is én wanneer niet. Dat je behandelprioriteiten kunt bepalen wanneer meerdere klachten en diagnoses samenkomen. En dat je ook bij complexe vrouwencasuïstiek helder kunt formuleren: Dit is wat we weten. Dit is wat we nog moeten uitzoeken, dit heeft nu prioriteit en dit is waar mijn expertise het verschil kan maken.
Over Lieselot Theys
Kinesitherapeut & osteopaat · hoofddocent

Na haar studies LO & Bewegingswetenschappen en haar masteropleiding Revalidatiewetenschappen en Kinesitherapie verdiepte Lieselot Theys zich verder in de osteopathie, waarin ze haar master behaalde aan Buck’s University in Londen. Doorheen haar klinische loopbaan specialiseerde ze zich steeds verder in vrouwengezondheid, met bijzondere aandacht voor het gynaecologisch en urogenitaal stelsel, de menstruatiecyclus en (neuro-)endocrinologie, hormonale en metabole gezondheid en de impact van adhesies en littekenweefsel op het bewegingsapparaat.
Ze volgde hiervoor talrijke postgraduate opleidingen in binnen- en buitenland, onder meer bij Renzo Molinari, Olivier Bazin, Michelle Lyons, Laurent Lemahieu en Nathalie Camirand. Vanuit die verschillende invalshoeken ontwikkelde ze een uitgesproken systeemgerichte kijk op vrouwengezondheid, waarbij klachten niet geïsoleerd worden benaderd, maar steeds binnen de wisselwerking tussen cyclus, hormonen, metabolisme, zenuwstelsel, immuunsysteem, darmgezondheid, leefstijl en het musculoskeletale systeem.
Lieselot is mede-oprichtster en klinisch directeur van het multidisciplinaire centrum Balance.Gent en mede-oprichtster van het opleidingscentrum Balance.Institute. In haar klinische werk begeleidt ze voornamelijk vrouwen met complexe gynaecologische en hormonale problematieken, waaronder endometriose, adenomyose, PMOS/PCOS, fertiliteitsproblematiek, bekkenpijn en urogenitale klachten. Daarbij werkt ze nauw samen met artsen, gynaecologen, fertiliteitsartsen en andere gespecialiseerde zorgverleners.
Multidisciplinaire integratie en de vertaalslag van wetenschap naar de dagelijkse consultatie vormen de rode draad doorheen haar werk en onderwijs. Om de verschillende disciplines ook in de praktijk met elkaar te verbinden, volgt ze regelmatig urogynaecologische en endometriosechirurgie en procedures binnen fertiliteitstrajecten mee. Daarnaast werkt ze actief mee aan de ontwikkeling van multidisciplinaire en postoperatieve zorgtrajecten.
Als docent geeft Lieselot postgraduate opleidingen rond vrouwengezondheid aan osteopaten, kinesitherapeuten, artsen en andere zorgprofessionals. Daarbij ligt de nadruk niet alleen op kennisoverdracht, maar vooral op klinisch redeneren: verbanden leren herkennen, onderzoeksgegevens naast symptomen en fysiologie leggen, weten wanneer verder onderzoek of doorverwijzing aangewezen is en verschillende therapeutische invalshoeken op een onderbouwde manier met elkaar verbinden.
Daarnaast is Lieselot auteur van verschillende boeken over vrouwengezondheid bij Uitgeverij Lannoo, waarin ze wetenschappelijke inzichten vertaalt naar begrijpelijke, genuanceerde en klinisch bruikbare informatie.
Praktische info
Accreditatie: Geen accreditatie.
De prijzen zijn inclusief digitaal cursusmateriaal + lunch, (warme) dranken en versnaperingen op de live cursusdagen.
Tijdens de live cursusdagen openen de deuren elke dag om 8u30. U bent dan reeds welkom om een koffie/thee te benuttigen en te netwerken met collega’s. De live cursussen gaan steeds door van 9u00 tot 17u30 à 19u00 (afhankelijk van de cursusdag).
Let op: Het aantal deelnemers wordt beperkt om individuele begeleiding te kunnen blijven garanderen. Het aantal plaatsen is dus beperkt.
Inhoudelijke vragen of niet zeker of je in aanmerking komt voor dit traject?
Contacteer lieselot@balance.institute

